
Bijna 500 kilo hasj: drugsvondst Terschelling toont dat Noordzee volop wordt gebruikt voor smokkel
· leestijd 4 minuten Algemeen 146 keer gelezenEr zat vermoedelijk bijna 500 kilo hasj in de pakketten die dit weekend aanspoelden op Terschelling. Het lijkt wederom een aanwijzing dat de Noordzee fungeert als route voor drugstransporten.
Dit weekend spoelde op het strand van Terschelling een partij pakketten aan met – zo blijkt uit een eerste testonderzoek – waarschijnlijk hasj.
De partij, verpakt in plastic en samengebonden in netten, werd zaterdagochtend ontdekt en later door een zogeheten Hit And Run Cargo (HARC)-team veiliggesteld.
Het gaat dus niet om cocaïne – wat bij dit soort strandingen vaker het geval is – maar vermoedelijk om cannabis, zo meldt de FIOD.
Mogelijk gaat het om een mislukte overdracht op zee, een zogeheten ‘drop-off’, waarbij de lading naar Terschelling is gedreven.
![]()
Zaterdagavond werden de pakketten overgezet in Harlingen. Foto: CAMJO media
Zulke vondsten passen in een breder patroon: de Noordzee wordt veel gebruikt als doorvoerroute voor drugs richting West-Europa. Dat beeld wordt ook bevestigd door recente cijfers van de douane. In 2025 onderschepten douaniers in Nederland een recordhoeveelheid van 60.000 kilo cannabis, ruim vier keer zoveel als een jaar eerder.
Het merendeel werd aangetroffen in zeehavens als Rotterdam en Vlissingen, vaak in grote, nauwelijks verhulde partijen bestemd voor doorvoer naar andere Europese landen. De vondst op Terschelling laat zien dat niet elke zending de haven überhaupt bereikt.
Aanspoelingen nemen sinds 2023 toe
Sinds 2023 tekenen zich steeds vaker mislukte drugstransporten af die stranden bereiken. In november 2023 werd bij de Zeeuwse kustplaats Rilland bijna een ton cocaïne gevonden.
De pakketten werden ontdekt tijdens een zoekactie van de douane, gestart na meldingen van een verdacht klein bootje in de buurt van een zeeschip op de Westerschelde.
In april 2024 ontdekte een toerist op het Duitse Waddeneiland Borkum samengebonden pakketten van ongeveer een ton.
Later dat jaar, in november en december 2024, spoelden honderden pakketten aan langs een brede strook van de Noord- en Zuid-Hollandse kust; bij Scheveningen ging het om ruim 350 kilo.
Op de Waddeneilanden werden kleinere hoeveelheden gevonden: zo’n 50 kilo aan Nederlandse kant en circa 150 kilo aan Duitse zijde. Opsporingsdiensten zien sinds 2023 een duidelijke toename van dit soort incidenten langs de Belgische, Nederlandse en Duitse Noordzeekust.
De methode is bekend: drugs, in veel gevallen cocaïne, wordt per vrachtschip vanuit Zuid-Amerika of via West-Afrika vervoerd en op zee overboord gezet, vaak voorzien van zenders. Kleinere vaartuigen moeten de lading later ophalen. Soms mislukt dat, zoals in stormachtige omstandigheden, waarna pakketten op stranden terechtkomen.
Betrappen op zee blijft uitzonderlijk
Hoewel de Noordzee intensief wordt gebruikt voor cocaïnetransport, vindt de daadwerkelijke opsporing in Nederland vooral plaats langs havenkades en tussen zeecontainers. Jaarcijfers van het HARC-team – een samenwerking tussen politie, douane en FIOD – laten zien dat de aanpak zwaar leunt op havens als Rotterdam en Vlissingen, waar jaarlijks tienduizenden kilo’s cocaïne worden onderschept.
Deze acties richten zich vooral op containerschepen, logistieke hubs en mogelijke betrokkenheid van havenmedewerkers. Dat toezicht beperkt zich niet tot de grote zeehavens. Ook in Harlingen zijn er plannen om de havenbeveiliging op te schalen, met slimme camera’s die rechtstreeks worden uitgelezen door de landelijke douane.
Die focus is volgens onderzoekers verklaarbaar. “Je moet veel tijd en capaciteit inzetten, terwijl de pakkans bij maritieme smokkel relatief laag is”, zegt Christian Boxum, onderzoeker ondermijning bij adviesbureau Pro Facto van de Rijksuniversiteit Groningen. “Dat maakt het voor opsporingsdiensten een lastige afweging, zeker als elders de kans op resultaat groter is.”
![]()
Politiepatrouille in de haven van Harlingen. Foto: Omroep Zilt, Richard de Boer
Daar komt bij dat grootschalig toezicht op zee praktisch nauwelijks haalbaar is. “Het idee dat je de hele Noordzeekust kunt bewaken, is een illusie”, zegt Boxum. “Je hebt het over honderden kilometers kustlijn met beperkte capaciteit. Dat kun je simpelweg niet afdekken.”
Dat verklaart waarom strafzaken rond drop-offs op zee in Nederland schaars zijn. Een van de weinige gevallen waarin de opsporing wel tot veroordelingen leidde, betreft de Urker kotter Z-181. In juni 2017 werd op dat schip in de haven van Harlingen zo’n 260 kilo cocaïne gevonden, die eerder op zee van een containerschip was overgenomen.
Opsporingsdiensten kwamen het schip op het spoor via een lopend onderzoek naar hoofdverdachten in een drugszaak, volgtechnieken en informatie over de vaarroute. Zo werd duidelijk dat het schip op een specifieke vrijdagavond vanuit Harlingen zou uitvaren om sporttassen met cocaïne op te vissen.
Bij terugkomst troffen politie en douane de drugs in een verborgen ruimte aan. De eigenaar en bemanningsleden kregen gevangenisstraffen tot zes jaar. De zaak rond de Z-181 laat zien hoe moeilijk het is om smokkelaars op zee te betrappen.
Lucratieve samenwerking
In juni 2023 wierp de Deense publieke omroep TV2 juist licht op dat verborgen deel van de praktijk. Volgens de reportage waren zes Urker boomkorkotters structureel betrokken bij het ophalen van cocaïne die op zee van containerschepen werd gegooid, om de drugs via kleine Deense havens met weinig toezicht – zoals Thyborøn en Hanstholm – aan wal te brengen.
![]()
Vissers in een Deense haven. Foto: TV2
De journalisten lieten zien dat kotters urenlang rondhingen zonder te vissen, plotseling afweken van hun gebruikelijke visgronden, AIS-systemen uitschakelden en de haven binnenliepen met vermoedelijke ladingen.
Havenautoriteiten benadrukken dat de meeste Nederlandse vissers hier niets mee te maken hebben. Onzekerheid over de toekomst van de visserij maakt vissers wel kwetsbaar voor dit soort lucratieve samenwerkingen met drugskartels.
Voorbeelden uit Duitsland en Frankrijk
In Duitsland werden onlangs garnalenvissers uit Cuxhaven veroordeeld dankzij een tip van de Amerikaanse DEA. In maart 2025 probeerden zij via een drop-off circa een ton cocaïne uit de Noordzee op te vissen, ten noorden van Spiekeroog.
De overdracht mislukte; de mannen werden aangehouden. De kapitein kreeg ruim vier jaar gevangenisstraf, een bemanningslid vier jaar.
In Frankrijk onderschepten autoriteiten in april 2025 bij een internationale operatie 630 kilo cocaïne voor de noordkust. De drugs waren afkomstig van een Braziliaans vrachtschip en werden op zee overgeladen op een Normandisch vissersvaartuig, om daarna met een snelle boot naar Tancarville te gaan.
![]()
Drugsvangst in Tancarville, april 2025. Foto: Franse Ministerie van Justitie
Elf verdachten werden aangehouden. Volgens Franse autoriteiten was dit de eerste succesvolle onderschepping van een trans-Atlantische drop-off van deze omvang.
Drop-off-locatie nabij Ameland
Ook boven de Waddeneilanden bestaan drop-off-locaties. In oktober 2024 werd een man uit de omgeving van Katwijk veroordeeld voor voorbereidingshandelingen van internationale cocaïnehandel.
Uit het onderzoek bleek dat hij vissers ronselde en drop-off-acties organiseerde nabij Ameland en Zeeland, waarbij lokale vissers of duikers de lading moesten ophalen. In chats werd een vaarroute gedeeld met een omcirkeld gebied ten noordoosten van Nederland als potentiële dropzone.
![]()
Foto: TerschellingTV
Of de vangst op Terschelling zal leiden tot vergelijkbare doorbraken, is nog onduidelijk. De FIOD meldt nog bezig te zijn met onderzoek naar de herkomst en een mogelijke bestemming.
Wat op de stranden aanspoelt, is vermoedelijk slechts een fractie van de hoeveelheid cannabis en cocaïne die jaarlijks via de Noordzee zijn weg vindt naar de West-Europese markt. •
Tekst: Richard de Boer, Omroep Zilt




