Afbeelding

Ingezonden brief: Van voorgenomen ruiming naar een blijvende herinnering

· leestijd 2 minuten Ingezonden Ingezonden 164 keer gelezen

Naar aanleiding van de recente bekendmaking van de gemeente over het ruimen van graven wil ik graag het verhaal vertellen van één van de mensen achter zo’n graf: Pieter Peters (1915–1992).

Toen bekend werd dat zijn graf mogelijk zou worden geruimd omdat er geen rechthebbende meer was, besloot ik de grafrechten over te nemen. Dat was voor mij aanleiding om zijn levensverhaal verder te onderzoeken. Met behulp van archiefstukken uit het Stadsarchief Amsterdam, waaronder zijn persoonskaart, bevolkingsregisters en militieregisters, kon ik een groot deel van zijn leven reconstrueren. Daarnaast brachten andere archieven steeds nieuwe puzzelstukjes aan het licht.

Pieter werd geboren op 9 april 1915 in Amsterdam als zoon van Pieter Peters en Sophia Dorothea van Raalte. Hij groeide op in Amsterdam en woonde onder meer aan de Mariottestraat, het Mariotteplein, de Van Alphenstraat, de Marnixstraat, de Willemsstraat, de Wijdesteeg, het Galileïplantsoen en de Ceintuurbaan. Bijna een halve eeuw speelde zijn leven zich af in de hoofdstad.

Op negentienjarige leeftijd trad hij als grenadier in dienst bij het Regiment Grenadiers. Tijdens de mobilisatie van 1939 werd hij opnieuw onder de wapenen geroepen. Volgens de verhalen die hij zelf vertelde, vocht hij tijdens de meidagen van 1940 op de Grebbeberg en was hij tijdens de Duitse bezetting actief in het verzet. Inmiddels is uit archiefonderzoek ook gebleken dat Pieter van 1 september 1943 tot 12 juli 1944 gevangen zat in het Oranjehotel in Scheveningen. Als mogelijke reden van arrestatie wordt sabotage van spoorlijnen genoemd. Dat sluit opmerkelijk goed aan bij de verhalen die hij later zelf vertelde. Over de oorlog sprak hij zelden, maar wanneer hij dat deed, luisterde iedereen aandachtig.

Na de oorlog trouwde hij met Klazina Maria Stroomer. In 1961 verhuisde het echtpaar naar Dorpsstraat 174 op Vlieland, waar Pieter eigenaar werd van Schoenhandel Triton. De winkel groeide uit tot een begrip op het eiland. Daarnaast was hij ook enige tijd werkzaam bij de VVV Vlieland, waar hij bezoekers van het eiland met dezelfde vriendelijkheid en behulpzaamheid ontving.

Pieter en Klazina kregen geen kinderen. Toch betekenden zij veel voor de jeugd op Vlieland. Als buurjongens kwamen wij vaak bij Piet over de vloer. We luisterden naar zijn verhalen over de oorlog en het verzet, maar hij hielp ons ook wanneer we kattenkwaad hadden uitgehaald of dreigden kennis te maken met de politie. Met zijn rustige karakter, levenservaring en wijze raad wist hij problemen vaak op te lossen. Voor ons was hij veel meer dan de eigenaar van Triton; hij was een mentor, een luisterend oor en een goede vriend van onze familie.

Na zijn overlijden op 4 september 1992 dreigde zijn graf uiteindelijk te worden geruimd, omdat er geen rechthebbende meer was. Dat voelde voor mij niet goed. Daarom heb ik besloten de grafrechten over te nemen, zodat zijn laatste rustplaats behouden blijft.

Een grafsteen vertelt slechts een naam en twee data. Pas wanneer het verhaal achter die naam wordt verteld, blijft ook de herinnering aan de mens bestaan. Ik hoop dat dit verhaal niet alleen Pieter Peters eert, maar ook laat zien hoe belangrijk het is om de geschiedenis van de mensen achter onze graven te bewaren. •

Tekst:        Reindert Schokker