Afbeelding
Copyright Jeugdjournaal

Hoe een niet-bestaande zwam naar 16 ‘campingskeletten’ leidde

· leestijd 1 minuut Cultuur Cultuur Historische Vereniging linkinbio 48 keer gelezen

De Cultuurhistorische Vereniging ‘Eylandt Flielandt’ deelde tot voor kort driewekelijks in De Geitenbode een foto uit het verleden. Die waren helaas niet voor veel mensen herkenbaar. Om de Vlielandse geschiedenis voor nóg meer mensen toegankelijk te maken, publiceert de CHV komende tijd een aantal artikelen uit haar verenigingsblad in De Geitenbode. Dit keer een terugblik op de vondst van 16 skeletten op camping Stortemelk.

Genoeg mensen die óp camping Stortemelk hebben gelegen, maar eronder? Deze zomer is het 25 jaar geleden dat een 12-jarige badgast een massagraf ontdekte vlak bij de Bolder. ‘Vers’ waren de veertien skeletten gelukkig niet. Vier betrokkenen blikken terug.

Een ‘keurig duintje’, zo noemt Jan van der Veen, campingdirecteur van destijds, de plek des onheils. “Het was een heuveltje, je kon er niet echt op kamperen, maar wel overheen lopen.” Vlak bij de Bolder, ter hoogte van vak Oranje en vak Blauw, waar nu de safaritenten staan.


(Copyright: Jeugdjournaal)

De Friese jonge campinggast Jorrit Geertsma was er aan het spelen. Hoe het precies ging, daarover deden en doen talloze verhalen de ronde. Hij zou zijn voetbal hebben gezocht, of achter een konijn aan zijn gegaan. Maar aan de Cultuurhistorische Vereniging ‘Eylandt Flielandt’ vertelt Jorrit graag hoe het écht ging. “Het echte verhaal is: op Vlieland had je stuifzwammen waar, als je erop trapt, iets uitkomt wat lijkt op rook. Dus dat deed ik altijd”, vertelt hij. “Ik dacht die zwammen ook te zien toen ik van de tent naar de kampwinkel liep. Ik liep ernaartoe en trapte erop, maar merkte dat de ‘zwam’ niet meegaf.”

Al heel snel had Jorrit door dat het iets anders moest zijn. “Ik begon te graven en zag delen van een schedel en op een gegeven moment ook wat werveltjes. Daar raakte ik wel enthousiast van, ik had thuis ook weleens koeienbotten gevonden en we hadden de schedel van een paard in de garage liggen. Ik groef alles snel weer in, want ik wilde niet dat iemand anders het zou vinden. Vervolgens liep ik naar mijn vader toe. ‘Pap, ik heb een lijk gevonden!’, riep ik.”


(Foto: Judith Olthuis)

Vader Geertsma vermoedde dat het oude botten waren, maar nam zijn zoon en een deel van de vondst mee naar het politiebureau. De dienstdoende agent rook niet meteen onraad. “We legden het stuk voor stuk neer. Eerst delen van een schedel. Je zag die agent toen nog kijken: ‘oké, nou, leuk, iemand heeft oude botjes gevonden’. Maar toen we ook de wervels neerlegden, keek hij meteen al een stuk serieuzer. Heel mooi om te zien hoe zijn blik veranderde. Maar de vraag was toen wel: is dit van een mens of een dier?”

Wil je de rest van dit 1563 woorden tellende CHV-artikel ook lezen? Ga naar www.chv-vlieland.nl voor het hele verhaal. •

Tekst: CHV Vlieland