
Jeugd is ons Vlieland: Demi Vos
· leestijd 2 minuten Sport linkinbio 120 keer gelezen“Binnenkort meer” stond de vorige keer geschreven. Vandaag staat in de basis iemand die hoogglanswaarschijnlijk is opgegroeid met pastelgekleurde sportbidons en iets met de paplepel. Want Pa kennen we uit zijn sportieve verleden, van onder andere het strandwachtwerk en als V.S.V.-sportleider. Ma trekt afwisselend haar hardloop- of tennisschoenen aan en is net zo fanatiek als haar dochter in de sport. De JioV-nr. 2 is: Demi Vos.
Hoe begon dit, vertel?
“Al op de kleuterschool wilde ik niets liever dan voetballen. Helaas was er tot mijn zestiende geen voetbalclub op Vlieland. Daarom oefende ik zelf met de bal, samen met mijn pa. Die kon, vroeger hè, ook best een bal raken. Daarnaast speelde ik af en toe wedstrijden in de zaal en deed ik zoveel mogelijk andere sporten. Het idee was om energie kwijt te raken. In de praktijk kreeg ik er juist meer energie van. Dat ging zo goed dat ik al snel met de jongens van het zaalvoetbal meedeed. Tussendoor richtte m’n vader een meidenteam op. Zo speelden we af en toe een toernooi. Het echte werk, zeg maar. Dat was gaaf joh.
Daarna kwam het eerste officiële meidenteam van VSV MO17 uit in een KNVB-competitie. Voor mij een seizoen om nooit te vergeten: we werden kampioen! Zo blij.”

Na één seizoen naar de wal voor school. Wat dacht je toen?
“Daar ging ik meteen door met voetballen. Op advies van Geert van Beijeren meldde ik me aan bij Leeuwarder Zwaluwen. Daar werd ik ingedeeld bij MO17-1.”
Je eerste competitiewedstrijd daar, dat ging...?
“Om ingelijst te worden. Het was tegen stadsgenoot Blauw Wit: 4-2 winst en ik scoorde twee keer.”

Daarna?
“Slechts één seizoen MO17-1. Normaal gesproken ga je na twee jaar in de jeugd een leeftijdscategorie hoger spelen. Alleen vroeg de club mij vrij vlot al of ik wilde aansluiten bij het eerste team. Net achttien jaar en slechts twee jaar competitie-ervaring. Haha, uiteraard deed ik dat! Ik speel daar nog steeds, heb ook jeugdtraining gegeven en ben vrijwilliger als coördinator van de meidenteams. En af en toe raak ik m’n energie kwijt in de kantine. Dan achter de bar hè.”
Wat zijn de sportmomenten geweest?
“Op nummer één staat het kampioenschap met de meiden en vriendinnen van Vlieland. Daar denk ik regelmatig aan terug.
Daarachter komt de promotie van twee seizoenen geleden met Vrouwen 1 naar de Eerste Klasse. Daar speel je tegen de gevestigde orde, zoals HHC Hardenberg en FC Berghuizen uit Oldenzaal. We eindigden vorig seizoen overigens netjes in de middenmoot.”
Ken je ook de andere kant van de medaille?
“Zeg dat wel. Ik ben nu twee operaties verder en nog steeds aan het revalideren van een afgescheurde mediale band en voorste kruisband in mijn knie. Waarschijnlijk heb ik een jaar nodig om weer 100% fit te zijn. Dat is fysiek én mentaal hard werken.”

De dromen richting realiteit?
“Natuurlijk (dag)droom je van meer. Vroeger leek het me prachtig als een scout van een profclub mij zou ontdekken en ik in een finale de winnende zou maken. Die profdroom heb ik inmiddels wel losgelaten. Nu speel ik voor het hoogste vrouwenteam van Friesland. En als je ziet waar ik vandaan kom, dan is dat best iets om trots op te zijn.”
Naast kampioen worden en promoveren, ook andere genietmomenten?
“Het spelletje blijft gewoon ontzettend leuk. Het erover hebben, het teamgevoel en de vriendschappen die je opbouwt, zijn erg waardevol. Enne... de derde helft doet soms ook leuk mee. Het grootste genietmoment voor mij? Dat is de dankbaarheid en trots dat mijn pa iedere wedstrijd naar de wal komt om mij te zien spelen.
Voor alle lezers: als ik weer fit ben en je wilt komen kijken, m’n pa neemt je vast wel mee.” •
Tekst: Max Figee




